Platform voor buurtontwikkeling

Hoe organiseer je wijkgericht werken?

Een goed gesprek voor en met de wijk is de sleutel
Hoe organiseer je wijkgericht werken?

Foto: stock (123rf)

Interview
14 maart 2019

Het doel van wijkgericht werken is de uitvoering en het beleid toespitsen op de leefwereld van de wijkbewoner. Maar hoe organiseer je dit in de gemeentelijke organisatie? Han van Dam en Hetta Schultz werken voor de gemeente Rotterdam en delen hun ervaringen.

 

Bij wijkgericht werken kun je als gemeente aanlopen tegen verkokerde budgetten, afdelingen die een andere taal lijken te spreken en de samenwerking met organisaties en bewoners. Hoe kom je dan tot een gezamenlijke agenda? Het goede gesprek voeren met en voor de wijk is erg belangrijk voor een succesvolle implementatie van wijkgericht werken.

De échte behoefte van de wijk

Han: ‘Je wilt het liefst dat de overheid doet waar burgers behoefte aan hebben. Erachter komen wat die behoefte is, blijkt niet altijd makkelijk. Er is soms echt iets anders nodig dan waar mensen letterlijk om vragen. Het gaat er dan ook om een wijk en de bewoners goed te verstaan. Wat verlangen burgers? Wat laten de cijfers voor ontwikkelingen zien? Wat vinden andere professionals dat er moet gebeuren? Het gaat erom dat je de vraag achter de vraag bloot legt.’ Hetta valt bij: ‘Ik zie vaak dat mensen een probleem hebben dat zij en wij nog niet als probleem herkennen. Een voorbeeld: In een bepaalde wijk hoeven bewoners niet te betalen voor de koffie in het buurthuis. In de naastgelegen wijk moet dat wel. De huur van de locatie is in de tweede wijk duurder en die huurkosten moeten gedekt worden. Dat is aan de bewoners alleen niet uit te leggen. Ik hoorde van drie wijknetwerkers dat er klachten waren gekomen. In een regulier overleg was ik hier nooit achter gekomen omdat niemand dit als iets belangrijks zou ervaren om in te brengen. In de torens van de gemeente beseft men niet dat zo’n onderwerp een continue bron van conflict en irritatie kan worden die alle goede bedoelingen die we als gemeente hebben voor de wijk te niet doen. Achter zo’n probleem kom je niet als je je alleen richt op vaste overlegstructuren.’

Wisselwerking formeel en informeel overleg

Han: ‘We hebben formele lijnen voor onderlinge communicatie tussen de clusters. Je moet met elkaar blijven praten om op de hoogte te zijn. Maar toch heb ik het meest aan mijn informele contacten. Ik vind het handiger om per vraag zelf de juiste mensen te vinden. Er verdwijnt te veel prioriteit en nuance als je het contact niet persoonlijk opzoekt.’ Hetta: ‘Het contact met mijn wijkactieteams is ook maatwerk. Dit zijn teams van wijkambtenaren die zijn gevormd rond de vragen die in een wijk spelen. Zij richten naar eigen inzicht hun overleg in. Een gemeente is geneigd te denken dat het in alle wijken hetzelfde werkt. Wij moeten onderbouwen waarom we het op elke plek anders doen. Dat moet je durven, maar het is de enige manier om het werken in de wijk serieus te nemen. Met als gevolg dat de werkwijze misschien 48 keer verschillend wordt. Elke dag leren we wat dit betreft nog. Ik merk dat wij nog worstelen met hoe je goed en effectief contact houdt. Wie breng je samen? Wat is nuttig? Soms nodigen we voor overleggen ook de wijkagent en een programmamanager van een wooncorporatie uit. Dan gaat het voor de wijkagent om zorg over het gezin op adres X en voor de programmamanager over strategische woningbouwplanning. Eén van de twee gaat zich dan ergens in de vergadering vervelen. Dat is zonde, want een volgende keer komen ze misschien niet meer.’

’Een gemeente is geneigd te denken dat het in alle wijken hetzelfde werkt. Wij moeten onderbouwen waarom we het op elke plek anders doen’

Het goede gesprek

Hetta: ‘Wij vormen de brug tussen de gemeente en de wijk. En ik merk dat er een enorm cultuurverschil is tussen die werelden.’ Han: ‘Het is inderdaad de kunst om de praktische en de abstracte werelden bij elkaar te brengen. Dat is een vaardigheid die je als wijkambtenaar moet hebben. Ik bereik pas dingen als de beleidskant mij begrijpt en dat ik begrijp wat de beleidskant nodig heeft. Hoe doe je dat? Je verdiepen in hun wereld, analytisch te werk gaan en voor elkaars wereld respect hebben. Oog hebben voor belangen van andere partijen is dus erg belangrijk in het contact met elkaar. Ik wil weten hoe de gemeente, politie, corporaties en wijkbewoners tegen de wereld aan kijken. Dan kun je goed samenwerken in plaats van elkaar tegenwerken. Het is namelijk heel makkelijk om in ons werk snel met mensen in conflict te zijn. Dat ligt bij veel onderwerpen op de loer. Er achter komen in detail wat je van elkaar nodig hebt, dat is het goede gesprek voeren.’

 

Hetta Schultz is gebieds-accounthouder Feijenoord binnen het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling. Hier vallen acht wijken onder. Haar cluster werkt samen met de clusters Stadsontwikkeling, Stadsbeheer en Veiligheid. Tussen al die clusters voert Han van Dam als gebiedsmanager van de wijken Noordereiland en Vreewijk de regie vanuit cluster Dienstverlening.

Lees het volledige artikel op de website van LPB.

afbeelding van Danielle van Oostrum

Danielle van Oostrum

Ik werk als communicatieadviseur bij Movisie. Voor Buurtwijs verzorg in de webredactie, onderhoud ik het Facebookaccount en maak ik de nieuwsbrieven.