Platform voor buurtontwikkeling

Wat maakt burgerinitiatieven duurzaam?

Duurzaamheid onder de loep
Niet meer zomaar te stoppen

Foto: Paul Engel

Publicatie
afbeelding van Redactie  
29 januari 2019

Toenemende publieke en beleidsmatige aandacht voor burgerinitiatieven maakt dat we duurzaamheid van deze initiatieven onder de loep nemen. Welke thema’s zijn volgens initiatiefnemers belangrijk voor de duurzaamheid van hun initiatief?

 

 

Actieve burgers worden gezien als de vernieuwers van het systeem. Zij nemen zelf het initiatief om zorg voor elkaar vorm te geven. Daarin omzeilen – of zelfs doorbreken – ze stroperige bureaucratische overheidsprocessen. Deze burgerinitiatieven, als aanvulling op andere vormen van informele en formele zorg, zijn niet nieuw, maar de verwachtingen van deze initiatieven zijn in de loop van de tijd wel flink veranderd.

De overheid verwacht dat burgers meer voor elkaar gaan zorgen en hierin ook oog hebben voor meer kwetsbare burgers. Burgerinitiatieven zouden een antwoord zijn op zowel onvrede over en bezuinigingen in de publieke dienstverlening als onvrede over de staat van de democratie. Deze verschuivingen in verwachtingen en verantwoordelijkheid roept de vraag op welke condities bijdragen aan duurzaamheid van deze initiatieven.

Niet meer te stoppen

Onlangs verscheen over dit onderwerp het rapport ‘Niet meer zomaar te stoppen’. Centraal staat de vraag: welke factoren spelen - vanuit het perspectief van actieve bewoners - een rol in het belemmeren en bevorderen van de duurzaamheid van burgerinitiatieven in zorg en welzijn? Onderzoekers spraken initiatieven die al een geschiedenis van minstens enkele jaren achter de rug hebben en een herkenbare plaats hebben veroverd tussen de andere organisaties in de buurt of het dorp.

Duurzaamheid is goed bezig zijn, continuïteit en het voortzetten van de doelstelling en de activiteiten die hieraan gekoppeld zijn

Een aantal factoren blijkt een duidelijk bevorderende rol te spelen bij duurzaamheid van initiatieven. Het informele en ‘huiselijke’ karakter van een initiatief bijvoorbeeld, maar ook de verbondenheid die betrokkenen voelen alsook de herkenbaarheid en worteling van het initiatief. Opmerkelijk is wel dat voor burgerinitiatieven duurzaamheid verder gaat dan ‘het langdurig kunnen uithouden’. Voor hen gaat duurzaamheid over goed bezig zijn, continuïteit en het voortzetten van de doelstelling en de activiteiten die hieraan gekoppeld zijn.

Motivatie

Basis voor de duurzaamheid van een initiatief is de motivatie van initiatiefdragers: de wil om iets te doen dat (nog) niet (meer) bestaat of om er echt te zijn voor mensen die iets nodig hebben. De initiatiefnemers hebben lokale kennis en sluiten aan bij vraagstukken die daar leven. Deze grote betrokkenheid maakt dat binnen een initiatief een sterke wil en verantwoordelijkheidsgevoel aanwezig zijn om de activiteiten te laten slagen, vorm te geven en voort te zetten.

Het lijkt erop dat initiatieven worden gedragen door een groep mensen die het goed met elkaar kan vinden en op één lijn zit met elkaar. In de beginfase zijn er vaak ruzies, omdat dan de verhoudingen nog niet helder zijn. Maar wanneer het initiatieven eenmaal langer bestaan, hebben de initiatiefnemers uitgevonden hoe ze met elkaar om willen gaan en hoe ze op elkaar af kunnen stemmen.

Kartrekkers

Het zijn vooral de kartrekkers die zo sterk gemotiveerd zijn en zich soms zo verantwoordelijk voelen dat er geen sprake meer kan zijn van stoppen of afhaken. Dit is de kracht van de initiatieven en lijkt geen probleem zo lang het goed gaat. Echter, de meeste initiatieven hebben te maken met worstelingen rondom het regelen van een locatie of voldoende financiën. Deze druk ligt vaak op de schouders van één of enkele kartrekkers die goed de weg weten in het regelen van deze zaken. Door het aanwezige verantwoordelijkheidsgevoel bestaat de kans dat de kartrekkers zichzelf mogelijk voorbijlopen. Dit kan het voortbestaan van initiatieven bedreigen. Ook de eisen die vanuit de omgeving worden gesteld, kan de eigenheid van het initiatief - en daarmee de duurzaamheid – hinderen.

ACTIE-model
Om te analyseren welke factoren een rol spelen, verbonden de onderzoekers hun analyse met het ACTIE-model (Tonkens, Verhoeven & Bakker, 2012). Dit instrument is gebaseerd op theoretisch en empirisch onderzoek naar succesfactoren en knelpunten van burgerinitiatieven. Buurtwijs-redacteur Joke Meindersma schreef hier eerder een artikel over.

Struikelblokken

De samenwerkingspartners zoals overheidsorganisaties, woningcorporaties, fondsen, zorg- of welzijnsinstellingen opereren vanuit een institutionele logica, terwijl burgerinitiatieven meer praktijk logica hanteren. Dit blijkt een belangrijk struikelblok te vormen voor de onderlinge samenwerking (lees meer over de knelpunten bij burgerinitiatieven in deze publicatie van Movisie). Onderzochte initiatieven geven aan dat vooral de erkenning van het initiatief als volwaardige partij een knelpunt is, evenals het verschil in werkwijze en werkcultuur in de uitvoering. Dit geeft aan hoe ingewikkeld de relatie is en roept de vraag op of het de burgerinitiatieven lukt trouw te blijven aan hun eigen doelstelling én tegelijkertijd te voldoen aan de verwachtingen en eisen van gemeente en andere financiers.

Duurzaamheid wordt onder druk gezet als eisen vanuit de omgeving aan de identiteit van het initiatief raken

Vanuit de burgerinitiatieven bestaat de wens om aanvullend te opereren, maar initiatieven ervaren dat ze ook als concurrent worden gezien of dat er wordt verwacht dat ze taken van andere welzijnsorganisaties overnemen. Ook dit zet duurzaamheid onder druk aangezien het raakt aan de identiteit van het initiatief. Wanneer burgerinitiatieven in een concurrentiepositie worden gedreven, wanneer anderen ze niet zien zoals ze zichzelf begrijpen of wanneer zij te veel moeten voldoen aan eisen die niet goed bij hun situatie passen, dan leidt dit tot een gevoel van vervreemding van de eigen doelstelling en visie.

Voor veel initiatieven blijft het rondkrijgen van de financiering, het vinden van een vaste, betaalbare locatie en de afstemming met andere lokale spelers, zoals de gemeente en professionele organisaties, het lastigst. Het samenspel tussen deze elementen bepaalt of een initiatief in staat is langer voort te bestaan en daarmee een duurzame bijdrage aan de samenleving kan leveren.

Dit onderzoek, in opdracht van het ministerie van VWS, is een samenwerking van Movisie met de Universiteit voor Humanistiek. Het rapport ‘Niet meer zomaar te stoppen’ is geschreven door Laurine Blonk en Annette van den Bosch.

Lees meer over: