Platform voor buurtontwikkeling

Professionele nabijheid

Balanceren tussen formele opdrachten en persoonlijke benaderingen
Professionele nabijheid

Foto: Colourized (Flickr Creative Commons)

Blog
 
14 december 2017

 

 

Aan de hand van Alice in Wonderland verkent Leo Noteborn hoe je informele relaties opbouwt zonder de formele opdracht uit het oog te verliezen.

 

 

Thuisgevoel is het idee dat je weet dat je gekend en gezien wordt wanneer je daar behoefte aan hebt. In goede en slechte tijden. Je buurt kennen en de veiligheid daarvan ervaren. Uit de anonimiteit en in het hart van mensen gesloten zijn.

Sociale professionals zetten zich continu in om voor mensen in buurten en wijken dat thuisgevoel te creëren. Zelf probeer ik het te bewerkstelligen als sociale makelaar bij Wijk&Co in Utrecht Overvecht.

Nabijheid leidt tot sneeuwbaleffect

Wat mij altijd opvalt is dat ik buiten het sociale domein nog geen sector ben tegengekomen waar mensen zo vaak benadrukken dat ze professional zijn (dat geldt ook voor mij). Naar mijn idee heeft dat ermee te maken dat we, in onze pogingen om dat thuisgevoel te creëren, vaak te maken hebben met een wereld waarin informele relaties de norm zijn: of het nu een bewonersgroep is, een buurtcentrum of een bewonersinitiatief. Onze professionele nabijheid bij mensen is de kracht van ons werk. Tegelijkertijd wordt het daardoor soms juist onduidelijk waar de persoonlijke betrokkenheid stopt en de professionele opdracht begint.

Door aan te sluiten bij deze informele relatiesfeer, krijgen we de mogelijkheid om van binnenuit te signaleren en te bewegen. Hierdoor zijn we in de gelegenheid om een positief sneeuwbaleffect te creëren in de levens van mensen zelf en in de buurt in zijn geheel.

Dilemma: persoonlijke benadering vs de opdracht

Het staat dan ook buiten kijf dat informele relaties en netwerken een belangrijk onderdeel zijn van ons werk. Het informele netwerk is een bron van kennis en ervaring. Het is de ongefilterde praktijk waaraan je als deelnemer (incl. jezelf als je in de buurt werkt, red.) gevraagd en ongevraagd je bijdrage levert. Juist omdat de praktijk zo goed vertegenwoordigd is, wil je als sociale professional samenwerken met dat informele netwerk. Daar ligt de praktijk, de vragen en de behoeften. Je omringt je met mensen met wie je iets deelt.   

Onze professionele nabijheid is de kracht van ons werk

 

 

De spanning is echter voelbaar wanneer je beseft dat je zelf ook moet delen en je vertrouwen moet durven geven aan de ander. Tegelijkertijd weet je als sociale professional ook dat je informatie deelt met een bepaald doel en vanuit een opdracht. Je hebt een agenda die dan wel voor jezelf duidelijk mag zijn, maar die voor de bewoner waar je mee werkt veel minder helder is.

Dit geeft spanning en leidt tot een ethisch dilemma. We wegen continu af hoe we binnen deze relaties onze professionele nabijheid vorm moeten geven zonder onze opdracht uit het oog te verliezen. Hoe houden we een goede balans tussen de persoonlijke benadering die we inzetten om deze relaties op te bouwen en de opdracht die we moeten uitvoeren?

Durf door de verbindingspoort te lopen

Wanneer we samenwerken binnen informele netwerken, gaan we op zoek naar de dingen die we delen met mensen. We zoeken een ‘verbindingspoort’. Een poort die ons toegang geeft tot verschillende werelden waarin we kennis kunnen delen en aandacht kunnen uitwisselen met elkaar.

Zelf zie ik het als de deuren waar Alice (in Wonderland) voor staat nadat ze door het konijnenhol gevallen is. Grote en kleine deuren, en de enige manier om binnen te komen is door een magisch drankje te drinken zodat ze door de deur past. Voor ons, de sociale werkers, is dat magische drankje onze vaardigheid om deuren te openen en toegang te krijgen tot de leefwereld van anderen, door de nabijheid op te zoeken in de relationele sfeer.

Magische drankjes

Er zijn hulpmiddelen die een succesvolle samenwerking bevorderen in de informele relationele sfeer en die recht doen aan het beschreven ethische dilemma. In mijn ogen zijn er vier drankjes die toegang geven tot de eerder geschetste verbindingspoort. Namelijk: transparantie, gelijkwaardigheid, aandacht en verbinden:

  • Transparantie gaat hand in hand met verwachtingen. Maak je opdracht helder naar je gesprekspartners toe en deel de mogelijkheden en de beperkingen die je opdracht omvat. Dit gaat zowel op voor bewoners in de wijk, als voor organisaties waar je mee je samenwerkt als sociale makelaars.
     
  • Gelijkwaardigheid bestaat voor mij uit het erkennen dat de ander competent is, ook al heeft diegene niet dezelfde competenties als jijzelf. Jullie allebei zijn namelijk even belangrijk in het proces dat jullie samen ingaan. Ik pas het toe door bijvoorbeeld werkvormen in te zetten waarbij ieders input van gelijke waarde is voor de uitkomst. Denk bijvoorbeeld aan de Art of Hosting technieken of de Oasis Methodiek.
     
  • Aandacht is het vermogen de mens te zien als een mens, ook als de ander een ander wereldbeeld heeft dan jijzelf. Oprechte aandacht geven betekent: echt luisteren naar het verhaal van de ander. Doorvragen vanuit het idee dat je wil weten wie de mens tegenover je is. Je bent een connectie van mens tot mens aan het maken. Door persoonlijke vragen tast je af hoe je de dialoog met elkaar kunt vormgeven.
     
  • Verbinden is het verdiepen binnen de leefwereld en op basis van de lijntjes die zichtbaar worden als je daar bent, connecties leggen. Dus om bij Alice in Wonderland te blijven, het gaat om het kijken wat ik gemeen heb met het witte konijn dat woont in Wonderland. Is eenmaal het vertrouwen van het konijn gewonnen, dan kun je op basis van de krachten, de ervaringen en de kennis die je opdoet, verbindingen leggen waar het konijn en ik samen verder mee komen.

Gelijkwaardiger speelveld creëren

Informele relaties en netwerken zijn een bron van kennis en ervaring. Ze dragen bij aan het thuisgevoel in de buurt en kunnen helpen bij het realiseren van onze formele opdrachten in buurten. Om de mogelijkheden optimaal te benutten, is het nodig om te weten hoe je kunt werken met deze dynamieken. Dit vraagt professionele nabijheid, maar dat brengt ook een ethisch dilemma met zich mee. Hoe houd ik een gezonde balans tussen het werken aan een officiële opdracht terwijl ik daarvoor mijn persoonlijke benadering inzet? Mijn ervaring is dat door bewust te zijn van de tools die we inzetten, we een gelijkwaardiger speelveld creëren waarin bewoners samen met sociale professionals werken aan buurten waar we ons thuis voelen.

 

Ben je geïnteresseerd in hoe nabijheid/afstand tussen sociale werkers en burgers zich ontwikkeld heeft door de geschiedenis heen? Bekijk dit plaatje dat je in een oogopslag meeneemt door de tijd of deze publicatie die een kort historisch overzicht biedt.