Platform voor buurtontwikkeling

Het geheim van collectiviserend werken

Opbouwwerk vanuit een wijkteam
Groep mensen met eten op een tafel

Foto: stock (123rf)

Interview
afbeelding van Ingrid Swakman  
16 januari 2020

Ingrid Swakman is opbouwwerker bij welzijnsorganisatie Haarlem Effect, en is deels verbonden aan een van de acht Haarlemse sociale wijkteams. Hoe doe je dat collectiviserend werken vanuit een wijkteam?

 

 

We spreken elkaar in buurthuis De Tulp. Ingrid Swakman: ‘Onderzoeker Marcel Spierts heeft samen met ons wijkteam gekeken naar de vraag of wij meer met collectiviseren in de wijk zouden kunnen doen. Ik was blij dat er zo een aanleiding was om na te gaan wat een collectieve blik voor ons werk zou kunnen betekenen. We zijn bewoners gaan interviewen. We wilden ze beter leren kennen en weten waar ze behoefte aan hebben. Voor sommige wijkteamleden was dit een nieuwe manier om met bewoners in gesprek te gaan en een vingeroefening voor een collectieve aanpak waarin we meer met bewoners zouden kunnen samenwerken.’

‘Onze sociale wijkteams zijn samengesteld uit medewerkers van verschillende organisaties en disciplines. Sommige teamleden werken deels binnen de eigen organisatie en zijn deels bij het sociale wijkteam gedetacheerd. We worden aangestuurd door de gemeente. Ik ben in ons team de enige opbouwwerker. Allemaal werken we als generalist, maar daarbij brengt ieder natuurlijk ook zijn of haar eigen expertise mee.’

Niet te snel

‘Ik vind het jammer dat sommige gemeenten al de conclusie trekken dat sociale wijkteams zijn mislukt of dat werken aan collectiviseren door een wijkteam niet mogelijk is. Ik denk dat we meer tijd moeten nemen om samen te leren en te ontwikkelen, en niet moeten denken dat alles in een kort tijdsbestek maakbaar is. De opbouw van een multidisciplinair team en een nieuwe werkwijze is niet zomaar iets. Een cultuurverandering binnen een bedrijf, bijvoorbeeld na een fusie, kost ook minimaal zes jaar.

‘De meeste teamleden waren gewend om te werken aan een oplossing voor een concreet individueel (zorg)probleem, vaak vanuit een spreekkamer of vanachter een loket. Meestal met doelgerichte gesprekken en een tijdslimiet. Het zwaartepunt in zo’n nieuw team komt dan makkelijk te liggen op individuele hulp- en dienstverlening. Open gesprekken met bewoners, het kijken naar een bredere context, werken aan verbindingen tussen bewoners en samenwerken met andere partners in de wijk, is expertise die vooral vanuit het opbouwwerk moest komen. Allemaal groeien wij hierin, maar als het gaat om een meer collectieve aanpak, waren opbouwwerkers in het begin vaak best eenzaam.’

Spraakverwarring

‘Het duurde even voordat ik doorhad dat we lang niet altijd dezelfde taal spraken. Toen we in onze wijk met een team zouden starten, dacht ik: eindelijk met z’n allen de wijk in! Maar dat bleek iets anders uit te pakken. Ik kwam erachter dat bij sommige collega’s werken in de wijk vooral betekent dat je werkt vanuit een locatie in de wijk. Terwijl ik zelf bij werken in de wijk denk aan werken samen met de mensen die er wonen. Je bewust zijn van verschillende leefstijlen en netwerken, het maken van verbindingen en vooral ruimte maken voor mensen die buiten de boot dreigen te vallen. Dat is anders dan vanuit individuele hulpvragen werken aan het versterken van netwerken, eigen kracht of zelfredzaamheid.’

Collectiviseren is geen hobby voor erbij, het is een andere benadering, bedoeld voor het ontwikkelen van veerkracht op een collectief maatschappelijk niveau

‘Eenzelfde spraakverwarring zie je ook bij ambulantisering van de ggz. Wijkgericht werken betekent daar dat mensen in de wijk gaan of blijven wonen en daar ook behandeld of begeleid worden. De medisch-psychische zorg wordt niet meer intramuraal maar extramuraal geboden. Wat ontbreekt, is het ontwikkelen en ondersteunen van een context die nodig is voor de aansluiting, het samenleven in de wijk. Te weinig organisaties zijn bezig met versterken van de sociale basis, anders dan in het kader van het voorkomen van overlast. Ook de financiering is er niet op gericht. Er wordt gedacht dat dit vanzelf wel opgevangen wordt. Maar, door wie dan?’

Eetgroep

‘In teams met een hoge caseload is de reactie soms: “Als we ook nog met die brede kijk, context en contacten in de wijk bezig moeten zijn, krijgen we ons werk niet af. We hebben het al zo druk met alle individuele hulpvragen.” Bij collectiviseren wordt dan snel gedacht aan mensen met overeenkomstige hulpvragen in groepen helpen met de verwachting dat dit goedkoper en efficiënter is. Maar hoewel dat zeker zijn waarde heeft, is groepswerk naar aanleiding van individuele vragen iets anders dan samenlevingsopbouw. Collectiviseren is geen hobby voor erbij, het is een andere benadering, bedoeld voor het ontwikkelen van veerkracht op een collectief maatschappelijk niveau. In de teams in Haarlem zoeken we naar de mogelijkheden.’

‘Een van de resultaten van de onze interviews is dat een buurtbewoner hier op vrijdagavond een buurtrestaurant  is gestart. Ze koken met verse groenten uit de buurt. Het initiatief trekt wekelijks een divers gezelschap. ’Een eetgroep met maaltijden van €3,50 lijkt iets kleins, maar onderschat de werking ervan niet: mensen leggen contacten, het stimuleert onderlinge verbanden. Het resultaat is niet direct zichtbaar en dus moeilijk te registreren of te scoren, maar  heeft op termijn soms meer duurzaam effect dan individuele hulpverlening.’

‘Een ander wijkteam koos, na een reeks van incidenten in een appartementencomplex, niet automatische voor het pad van individuele ondersteuning. In samenspraak met bezorgde bewoners is een onderzoek gestart naar relevante thema’s voor die buurt. Veiligheid, overlast van (fiets)parkeren, ontmoeting, groen, bleken de thema’s waar het wat bewoners betreft om ging. Gesteund vanuit het opbouwwerk is een bewonerscommissie en een groencommissie opgericht en werken bewoners nu samen aan het realiseren van verbeteringen in de buitenruimte. Dit najaar zijn bijvoorbeeld parkeervakken opgeheven en zijn tijdens een plantdag nieuwe perken gevuld met groen.' 

Zo bouw je als sociaal wijkteam samen met het opbouwwerk aan vertrouwen in de buurt en het versterken van bewoners collectief. Bewoners kennen elkaar nu beter en blijken ook vaker van onderlinge steun te zijn voor elkaar.’

Dit is een bewerkte versie van het artikel dat in het najaarseditie van Tijdschrift voor Sociale Vraagstukken verscheen. Naast journalistieke werkzaamheden, werkt Marc Räkers ook voor Eropaf.

Lees meer over:

Reageer op dit artikel

CAPTCHA
Deze vraag is om te controleren dat u een mens bent, om geautomatiseerde invoer (spam) te voorkomen.