Platform voor buurtontwikkeling

Als je niets hebt, dan kun je ook niet delen

Over de deeleconomie en de buurt
Als je niets hebt, dan kun je ook niet delen

Foto: Feye van Olden

Blog
 
6 juni 2016

Delen is hip, ook in de buurt. Lenen van je buren, via Peerby, of meerijden in een blablacar. Van ruilen komt huilen, luidt het gezegde, maar is delen dan vooral goed?

 

 

In mei was ik met zeven andere ‘stadmakers’ op het Ouishare-festival in Parijs. Delen speelt vaak een belangrijke rol binnen onze buurtprojecten en daarom leek dit festival over de collaboratieve economie ons erg interessant.

Ik noem mezelf ‘stadmaker’, hoewel deze term oorspronkelijk bedacht is door Pakhuis De Zwijger. In feite zijn we gewoon creatieve, ondernemende mensen die de wereld een beetje mooier willen maken. Idealisten met een idee over hoe de maatschappij er eigenlijk uit zou moeten zien. We willen de samenleving vormgeven en we werken hierbij veel samen, zij het met de nodige onbetaalde passie-uren. Gedurende dit weekend in Parijs kwamen we erachter dat we als stadmakers soms offertes schrijven voor dezelfde instanties en dat we dus samen vissen in dezelfde subsidievijver. Met een mooi woord zijn wij dus elkaars ‘concullega’.  

Buurtcamping, kitchenroulette en placemaking

Als stadmakers organiseren we elk jaar campings in stadsparken (de buurtcamping), delen we de stoep tijdens ‘het grootste openluchtcafé ter wereld’ (bankjescollectief), laten we ons inspireren door innovatieve projectplannen tijdens Boiling (instant crowdfunding voor ongeduldige stadmakers) en genieten we van een culinaire gang in steeds weer een andere huiskamer (kitchenroulette). Ook zijn we veel bezig met placemaking, zelfbeheer (van bijvoorbeeld buurthuis Archipel en speeltuinen), de aanpak van leegstand en vormen van tijdgeld (de Makkie).

Alles rond de collaboratieve economie

Op het Parijse festival Ouishare kwam alles samen wat met de collaboratieve economie te maken heeft: community currencies, crowdfunding, holacracy, digitale platforms, co-creatie, transparantie, de deeleconomie. Grote partijen zoals de start-ups Airbnb, Blablacar, Über(pop), maar ook bijvoorbeeld het Nederlandse Peerby zijn hier aanwezig. Zij vertelden over hun digitale diensten, hun successen en tegenslagen –  meestal in de vorm van een zogenaamde paneldiscussie. Interessant, maar vaak wel wat véél ‘panel’ en weinig ‘discussie’.

Terwijl er heus wel wat valt te bedingen op het zo hippe nieuwe delen. Zoals de constatering dat juist zij die niks hebben, ook niet kunnen delen. Dat lijkt me zo klaar als een klontje. Zo kun je als huisbezitter bijvoorbeeld via Airbnb gemakkelijk duizenden euro’s per jaar bijverdienen door je huis te verhuren. Heb je echter geen huis in bezit, dan heb je deze optie niet. Eén van de kritiekpunten op de deeleconomie is dan ook dat het de kloof tussen arm en rijk groter zal maken. Daarbij is er steeds meer reden om aan te nemen dat Airbnb sommige buurten verhipt, duurder maakt en zo de gentrification in de hand werkt. Op Ouishare werd weinig over deze schaduwzijde van de deeleconomie gesproken. Van ruilen komt huilen, luidt het gezegde, maar is delen dan vooral goed?

Delen is óók gezellig

De kritiek op de deeleconomie betekent overigens niet dat de niet-bezittende klasse er altijd op achteruit zal gaan. Een goede illustratie hiervan is blablacar of het reeds genoemde Nederlandse ruilplatform Peerby. Het werkt als volgt: wil jij bijvoorbeeld een schilderijtje ophangen, maar heb je geen steenboor? Dan helpt Peerby jou om gemakkelijk een buurtbewoner te vinden die deze aan jou wil uitlenen. Superhandig dus én volledig gratis! Zo leende ik laatst mijn hogedrukspuit uit aan iemand die bij het ophalen ervan meteen even zijn grasmaaiertje aan mij uitleende. Dat scheelt je dus niet alleen in de aanschafkosten van dure machines, maar ook in opslagruimte. Daarbij is dat delen nog gezellig ook, je leert je buren kennen!

Na een toch wat theoretisch festival kregen wij behoefte aan praktijkvoorbeelden. We gingen langs bij Les grands Voisins: een groot, monumentaal ziekenhuisterrein waarbij alle fysieke ruimtes gedeeld en verhuurd worden aan respectievelijk 600 vluchtelingen én buurtgerichte, sociale en creatieve ondernemers. Dit levert een bruisende synergie op van multiculturele avonden, zelf aangelegde sportveldjes en tuintjes, kunstwerken, een vlooienmarkt, sociale werkplaatsen, winkeltjes en een kampeerterrein met rollende keukens en een zelfgebouwde sauna. Deze rustige, idyllische en mooi vormgegeven plek, midden in de hectiek van het drukke Parijs, gaf ons, acht stadmakers, weer energie om te blijven doen wat we doen; niet te veel ouwehoeren, mouwen opstropen en mensen, locaties en goede ideeën met elkaar verbinden. Ja, yes, oui, share!

 

Feye van Olden

Als cultureel antropoloog en sociaal ondernemer houd ik me bezig met sociaal onderzoek en het op innovatieve manieren samenbrengen van buurtbewoners. Ook ondersteun en begeleid ik initiatieven van bewoners en help ik bij verschillende buurtprojecten.